Leestijd: ±7 min
Oooooh, kijk eens naar de grond… de weg spreekt tot je! Wegmarkeringen zoals streepen, pijlen en haaientanden zijn meer dan verf op het asfalt. Volgens de verkeersregels tonen ze waar je mag rijden, stoppen of voorsorteren en wanneer je voorrang moet verlenen. In deze bocht ontdek je wat de belangrijkste wegmarkeringen betekenen en hoe ze je helpen veilig door het verkeer te bewegen. Want wie de taal van de weg leest, rijdt met vertrouwen van A naar B!
Raadpleeg de officiële Belgische wegcode (3 juni 2024) op wegcode.be.
Voordat we diep in wegmarkeringen duiken, laten we eens kijken waar ze vandaan komen. Als je begrijpt waarom een markering werd geplaatst, onthoud je het veel beter. Klaar?
Laten we teruggaan naar 1911 toen werd de eerste wegmarkering geplaatst in de staat Michigan, in de Verenigde Staten, op een autosnelweg om het verkeer beter te geleiden en de zichtbaarheid van de rijbaan en rijstroken te verbeteren, vooral 's nachts of bij slecht weer. Deze markeringen hielpen om het verkeer veiliger te maken en het aantal verkeersongelukken te verminderen.
Tegenwoordig zijn wegmarkeringen overal om ons heen en zorgen ze dat het verkeer veilig en vlot verloopt. Elke streep en pijl heeft een duidelijke betekenis, en wie ze goed kent, rijdt verstandiger en veiliger.
De start is gemaakt. Ga door naar stap twee.
Een witte doorlopende streep op de trottoirrand of verhoogde bermrand maakt deze beter zichtbaar.
Op de trottoirrand of verhoogde bermrand: parkeren langs deze streep op de rijbaan is verboden, stilstaan mag wel.
Duidt de denkbeeldige rand van de rijbaan aan. Aan de andere kant ligt een parkeerstrook behalve op autowegen en autosnelwegen waar de pechstrook zich bevindt.
Twee evenwijdige witte onderbroken strepen aan weerszijden van de rijbaan die bestaan uit telkens 2 paar korte trekken, duiden de denkbeeldige rand van de middenrijbaan.
Je doet het goed. Laten we verder gaan.
Je mag deze nooit overschrijden soms scheidt ze twee rijrichtingen, soms rijstroken.
Deze mogen overschreden worden om:
Als een doorlopende en een onderbroken streep naast elkaar liggen, mag je alleen langs de kant van de onderbroken streep van rijstrook veranderen.
Deze markeringen geven aan dat je een doorlopende streep nadert.
Je herkent deze aan een onderbroken witte streep met langere strepen en kortere tussenafstanden.
Bij wegwerken vervangen oranje strepen de witte strepen, ze hebben dezelfde betekenis.
Stap drie voltooid. Klaar voor stap vier.
Deze geven de rijstrook aan die je moet volgen om in een bepaalde richting te gaan. Je moet de richting van de pijl volgen.
Deze pijlen kondigen aan dat het aantal rijstroken afneemt en dat je van rijstrook moet veranderen in de richting van de pijl.
Goed gedaan. Tijd voor het volgende onderwerp.
Doorlopende witte strepen op de weg geven de plaats aan waar bestuurders moeten stoppen voor een stopbord of verkeerslicht.
Deze duiden de plek aan waar je moet stoppen om voorrang te geven.
Halverwege. Laten we doorgaan.
Aangeduid door witte, evenwijdige schuine strepen. Je moet hier rechts omheen rijden, tenzij een verkeersbord of wegmarkering anders aangeeft.
Witte, evenwijdige schuine strepen duiden een vlak aan waar je niet mag rijden.
Goed gedaan. Klaar voor de volgende stap?
Korte en lange witte strepen op verhoogde inrichting maken het beter zichtbaar.
Je doet het goed. Tijd om verder te gaan.
Brede witte strepen die parallel met de rijbaan lopen.
Witte, kleine vierkanten die een zone afbakenen met daarin pijlen.
Bijna klaar. Laten we doorgaan.
Twee evenwijdige onderbroken lijnen markeren het fietspad aan.
Er bestaan 2 verschillende markeringen:
Deze vakken bevinden zich voor de stopstreep bij verkeerslichten en zijn voor fietsers en bromfietsers bedoeld om op te stellen bij rood licht. Auto's mogen er niet op stoppen.
Deze zijn zoals voorsorteringsstroken voor auto's, maar voor fietsers ze worden aangegeven door een fietssymbool en pijl die je de te volgen richting aanduidt.
Ik daag je uit, : mag je als auto bestuurder stoppen op een opstelvak voor fietsers?
Laatste stap! Klaar om te voltooien?
Een brede witte onderbroken streep en het woord "BUS" soms kan de onderbroken streep een doorlopende streep zijn.
Deze zijn afgebakend door brede witte doorlopende strepen.
Deze markeringen geven aan waar je wel op een bijzondere overrijdbare bedding mag rijden.
Aan een bushalte kan de zone waar parkeren verboden is, aangeduid worden door witte opschriften. Erop rijden, stilstaan of stoppen is wel toegelaten.
Aan een bushalte kan de zone waar parkeren verboden is, aangeduid worden door witte opschriften. Erop rijden, stilstaan of stoppen is wel toegelaten.
Super!
Een stap dichter bij het theorie-examen.
Er liggen nog heel wat verkeersavonturen op je te wachten!
Klaar om verder te gaan met je theorie-examen?